Volgens het VN-Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen (UNHCR) heeft de scheepsramp voor de kust van Libië aan achthonderd mensen het leven gekost, onder wie ook kinderen (De Morgen). Het nieuws beheerst de krantenkoppen. De morele verontwaardiging is groot.

“Hoe is het mogelijk…” “Moeten er eerst zulke drama’s gebeuren vooraleer er actie komt?” “Hoe is het zo ver kunnen komen?” We zijn het er allemaal over eens dat dit moreel onaanvaardbaar is.

Ook de intentie tot ethische maatregelen is groot. De Europese Commissie komt met een tienpuntenplan om de vluchtelingencrisis in de Middellandse zee een antwoord te bieden. De boten van de mensensmokkelaars zullen vernietigd worden. De EU-lidstaten zullen vingerafdrukken nemen van alle migranten. De migratiestromen zullen in kaart gebracht worden.

Tot vorige week was er nochtans niet veel animo om de aanzwellende migratiestroom vanuit Noord-Afrika in goede banen te leiden (De Standaard). En eind 2013 was er al eens een 5-puntenplan, na de dood van 360 bootvluchtelingen voor de kust van Lampedusa.

Vanwaar die ommekeer?

Meer dan 20 jaar geleden, zette Thomas M. Jones (1991) voor het eerst het begrip  morele intensiteit op de kaart. Hij voegde hiermee een extra dimensie toe aan het heersende 4 fasen-model (Rest, 1986 – zie figuur) voor het nemen van een ethische beslissing.

Wanneer de morele intensiteit hoog is, wordt de morele dimensie van een onderwerp of beslissing veel sneller herkend. Een hoge intensiteit lokt ook complexere en diepgaandere vormen van moreel redeneren uit om tot een oordeel te komen. Het leidt tot meer ethische intenties en tenslotte, tot meer ethisch gedrag.

De ramp voor de kust van Libië scoort felrood op alle 6 karakteristieken van morele intensiteit.

  1. De grootte van de gevolgen, m.a.w. de som van de schade aan de slachtoffers is immens
  2. Er is niemand die dit niet verschrikkelijk vindt – er is een sociale consensus over de onmenselijkheid van de situatie
  3. De kans dat de situatie fout afloopt is 100% : de slachtoffers zijn gevallen
  4. De snelheid waarmee de gevolgen van de situatie zichtbaar worden is onmiddellijk : het gebeurt nu
  5. Mensen stierven niet in een land ver van hier, maar hier, bij ons
  6. De gevolgen zijn zeer geconcentreerd: het gaat niet over een regio met een miljoen inwoners waar hongersnood heerst. Het gaat over 800 mensen die verdronken zijn.

Door één of meerdere van bovenstaande karakteristieken scherper te stellen, zullen mensen meer geneigd zijn een ethische beslissing te nemen.

Vertaald naar de context van een organisatie, kan de leider er bijvoorbeeld voor kiezen in abstracte termen over een heikele kwestie te blijven praten. Of hij/zij kan de kans dat een overname fout loopt, benoemen. De ernst van de mogelijke gevolgen van een outsourcing, uiteenzetten. De persoonlijke consequenties voor de aanwezigen, hardop uitspreken.

Een manager in een ziekenhuis kan een dag patiënt worden in een ander ziekenhuis. Een HR-medewerker kan een shift meedraaien met de uitzendkrachten in de nachtploeg.

Dus ja – er zijn manieren om de kans op ethische beslissingen te vergroten. Dat maakt de intensiteit van de scheepsrampen in de Middellandse Zee er echter niet minder om. De wetenschapper in mij begrijpt. De vrouw in mij huilt.

 

Referenties

-          Rest, J. R. (1986). Moral development: Advances in research and theory. New York: Praeger.

-          Jones, T. (1991). Ethical decision making by individuals in organizations: An issue-contingent model. Academy of Management Review, 16(2), 366–395.

Share on: